EU-plan van 20 miljard voor AI-uitbouw stuit op kritiek van alle kanten

EU-plan van 20 miljard voor AI-uitbouw stuit op kritiek van alle kanten

De EU heeft moeite om de achterstand op het gebied van AI-infrastructuur in te halen. Maar tegelijkertijd zijn er twijfels alom of de gekozen strategie wel de juiste is. Er wordt 20 miljard euro gereserveerd voor verschillende AI-gigafabrieken met elk 100.000 GPU’s of meer. Wetgevers en deskundigen zijn er niet zeker van of deze inspanning voldoende zal zijn, of zelfs gericht is op de juiste toepassing. In plaats daarvan worden domeinspecifieke doelstellingen benadrukt.

Het plan van de Europese Commissie om voor 20 miljard euro aan AI-gigafabrieken te bouwen, krijgt alom kritiek nog voordat het dit voorjaar officieel van start gaat, meldt Politico. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen schetste de ambitie in februari vorig jaar en stelde vier tot vijf reusachtige compute-locaties voor, elk aangedreven door 100.000 GPU’s, als Europees antwoord op onder meer het 500 miljard dollar kostende Stargate-project van OpenAI.

Tegen de stroom in

De gigafabrieken bouwen voort op een eerdere toezegging om 19 op AI gerichte supercomputers, bekend als AI-fabrieken, te bouwen in 16 landen. Deze opzet zou vier keer zo groot zijn. Een formele oproep tot het indienen van voorstellen, die twee keer is uitgesteld, wordt nog steeds dit voorjaar verwacht. Toch is het nu al duidelijk dat de uitbouw van AI in Europa niet helemaal verloopt zoals bedoeld, nu OpenAI zich terugtrekt uit zijn Stargate UK-plannen. Weliswaar is dat buiten de EU, maar het laat zien dat het klimaat op dit continent niet zomaar AI-bedrijven zelf tot investeringen brengt.

Critici vragen zich af of er daadwerkelijk vraag naar is en of het plan Europese bedrijven überhaupt ten goede komt. Tijdens een informele peiling vorig jaar werden in totaal 76 biedingen ingediend voor 60 locaties in 16 landen. Maar wetgevers en deskundigen zeggen dat het onduidelijk blijft welke bedrijven deze rekenkracht zouden gebruiken. De woordvoerder van de Commissie, Thomas Regnier, reageerde hierop. “Dit gaat niet alleen om ruwe rekenkracht, het gaat om soevereine rekenkracht”, zei hij, eraan toevoegend dat de Europese industrie omgevingen eist waar gegevens “volledig beschermd zijn onder de Europese wetgeving, zonder de mogelijkheid van inmenging door derde landen”.

Waar is de vraag?

Europa’s meest vooraanstaande AI-ontwikkelaar, Mistral, wacht niet op de gigafabrieken. In februari kondigde het een investering van 1,2 miljard dollar aan in een datacenter in Zweden. Eind maart haalde het honderden miljoenen euro’s op voor een faciliteit in de buurt van Parijs. Dat roept de vraag op voor wie de gigafabrieken bedoeld zijn. Als Mistral het niet is, wie zou er dan wel gebruikmaken van de grootschalige capaciteit voor AI-training?

De afhankelijkheid van Nvidia voegt nog een extra zorg toe, wat vooral het geval is als AI-training het hoofddoel van de gigafabrieken is. Een groep van 18 leden van het Europees Parlement waarschuwde de Commissie voor de afhankelijkheid van één enkele chipleverancier en vroeg zich af hoe het initiatief de strategische afhankelijkheden van Europa zou verminderen. Regnier weigerde rechtstreeks op die zorgen in te gaan.

Het probleem is dat net nu deze plannen zijn opgesteld, er een revolutie plaatsvindt op het gebied van AI-computing. Naarmate de tijd verstrijkt, wordt training minder cruciaal, terwijl inferencing, de dagelijkse uitvoering van AI-workloads, aan belang wint. Microsoft, Google Cloud, AWS, Intel en vele andere IT-spelers beseffen dat een gedecentraliseerde AI-infrastructuur de toekomst zal bepalen. Voorbeelden hiervan zijn verschillende chips voor training versus inferencing, het scheiden van individuele componenten van AI-workloads zelf en het uitbesteden aan CPU’s wanneer latency niet cruciaal is.

Net nu de EU erop aandringt om op nog een ander technologisch gebied de achterstand in te halen, nadat ze zich eerder op wetgeving had gericht, loopt de huidige ontwikkeling snel voor op eerdere plannen. We zijn benieuwd of de voorgestelde AI-fabrieken een retorische verschuiving zullen ondergaan, net zoals de grotendeels mislukte EU-chipswet dat deed. Deze politieke maatregel draaide aanvankelijk om het veiligstellen van de chipvoorziening in tijden van schaarste om afhankelijkheid van Azië en Noord-Amerika te vermijden, maar werd later gebruikt om niet-EU-leveranciers zoals Intel en TSMC te verleiden fabrieken in Europa te bouwen.

Een wereldwijde financieringskloof

De 20 miljard euro lijkt in ieder geval bescheiden in vergelijking met concurrenten, hoe je het ook wendt of keert. OpenAI lanceerde vorig jaar een rekenplan van 500 miljard dollar, en Anthropic kondigde 50 miljard dollar aan infrastructuurinvesteringen in de VS aan. Bovendien reserveren de hyperscalers elk ongeveer 180 miljard dollar voor geheel 2026 om de groei van de AI-infrastructuur te realiseren die men noodzakelijk acht. Zoals we eerder meldden, vereist het financieringsmodel voor de EU-gigafabrieken 65 procent van particuliere partijen, en die structuur veroorzaakt nu al vertragingen in sommige lidstaten.

Siemens waarschuwde onlangs dat EU-regelgeving zijn AI-uitgaven buiten Europa drijft, en het is verre van de eerste die dit doet. Ondertussen is, zoals dit jaar opnieuw duidelijk is geworden, de vraag naar Europese datacenters al vijf jaar op rij groter dan het aanbod. Hoe de EU dat precies kan omzeilen, zeker als het om de stroomtekorten gaat, is onduidelijk.