Databricks neemt Electric over, het bedrijf achter PGlite en een real-time sync engine. Daarmee krijgt elke AI-agent een eigen lichtgewicht Postgres-database in zijn sandbox, die synchroniseert met Lakebase.
Electric bouwt data-primitives die specifiek zijn ontworpen voor agentic applicaties: een WASM-versie van Postgres die klein genoeg is om binnen de applicatie of agent zelf te draaien, plus een sync engine die verspreide state terugbrengt naar een centrale database.
De redenering van Databricks is dat agents zich anders gedragen dan traditionele software. Waar een klassieke applicatie vooraf bekende queries en voorspelbare datapatronen kent, bepaalt een agent tijdens runtime welke data hij nodig heeft, soms meerdere keren per seconde. Die inner loop wil data in hetzelfde proces hebben. En agents werken vaak in groepen, in sandboxes waar de database alleen via een netwerkverbinding met de cloud bereikbaar is.
Voortbouwen op Neon
De deal staat niet op zichzelf. Databricks nam vorig jaar Neon over voor ruim een miljard dollar, een belangrijke basis voor het in februari gelanceerde Lakebase. Er is bovendien een directe technische lijn: PGlite is gebouwd op het WASM Postgres-werk van Stas Kelvich, medeoprichter van Neon.
Databricks past de aanpak in zijn LTAP-architectuur, waarmee het de grens tussen OLTP en OLAP afbreekt. Lakebase levert Postgres op productieschaal, PGlite draait in de sandbox van de agent, en de sync engine houdt beide consistent. Ontwikkelaars bouwen zo op één Postgres-standaard, terwijl de controle centraal blijft op goedkope, duurzame object storage.