De Europese datacentermarkt kampt al jaren met een structureel tekort aan capaciteit. De snelle opkomst van AI legt dat probleem nu onmiskenbaar bloot. Ondanks een recordgroei in nieuwe datacenters blijft het aanbod achter bij de vraag.
Dit stelde marktonderzoeker Kevin Restivo van CBRE tijdens Kickstart Europe, woensdag in Amsterdam. Hij voorspelde een fundamentele verschuiving in waar en hoe datacenters in Europa worden gebouwd.
Europa stevent aan het eind van dit jaar af op ongeveer tien gigawatt aan operationele datacentercapaciteit. In 2026 groeit het aanbod opnieuw stevig. Dat lijkt indrukwekkend, maar volgens Restivo is het nog altijd onvoldoende om aan de marktvraag te voldoen. Voor het vijfde jaar op rij is de vraag naar datacenterruimte groter dan het beschikbare aanbod. Dat leidt tot een dalende beschikbaarheid, stijgende prijzen en steeds minder vrije capaciteit in bestaande faciliteiten. De groei van AI vormt daarbij geen losse, nieuwe vraag, maar vergroot een tekort dat al jaren bestaat.
De opkomst van AI zorgt er bovendien voor dat het Europese datacenterlandschap verschuift. Waar datacenters traditioneel werden gebouwd rond grote internetknooppunten, verschuift de aandacht nu naar regio’s waar energie goedkoper en beter beschikbaar is.
Nieuwe AI-hotspots buiten de klassieke kern
Locaties in Noorwegen, IJsland, Finland, Spanje en Italië winnen snel aan betekenis voor nieuwe datacenterontwikkelingen. De doorslaggevende factor is niet langer netwerkconnectiviteit, maar de prijs en beschikbaarheid van stroom. AI-workloads vragen zoveel vermogen dat de traditionele logica van bouwen nabij internetknooppunten minder belangrijk wordt.
In het afgelopen jaar werd voor honderden megawatts aan datacentercapaciteit gecontracteerd, waarvan een groot deel specifiek bedoeld is voor AI-toepassingen. Een aanzienlijk deel van die contracten landt in Scandinavië. Dat laat zien dat hyperscalers en AI-aanbieders hun Europese strategie al aanpassen aan de nieuwe realiteit.
Daarbij komt dat AI-datacenters fundamenteel anders zijn dan traditionele colocatie- of hyperscalevoorzieningen. De vermogensdichtheid ligt veel hoger, koeling moet anders worden ingericht en er zijn grotere, stabiele stroomblokken nodig. Veel bestaande faciliteiten in de klassieke kernmarkten zijn daar niet op ontworpen.
Volgens Restivo is de beschikbaarheid van elektriciteit inmiddels de dominante beperkende factor voor de sector. In landen als het Verenigd Koninkrijk en Duitsland is energie niet alleen schaars, maar ook relatief duur voor grootschalige AI-datacenters. Overheden en netbeheerders zullen sneller stroom beschikbaar moeten maken en nieuwe constructies moeten toestaan om verdere groei mogelijk te maken. In Ierland wordt bijvoorbeeld geëxperimenteerd met directe stroomverbindingen buiten het reguliere net om.
Tweede datacenterlandschap
CBRE verwacht dat er vóór 2030 ongeveer elf gigawatt aan extra, AI-specifieke datacentervraag ontstaat in Europa. Dat is meer dan de volledige huidige operationele capaciteit. Feitelijk betekent dit dat er een tweede datacenterlandschap moet ontstaan dat primair is ingericht rond energie in plaats van netwerk.
De uitdagingen beperken zich niet tot stroomvoorziening. Ook regelgeving, vergunningstrajecten en maatschappelijke acceptatie spelen een rol. Datacenters zijn zichtbaarder geworden en roepen vaker weerstand op. Tegelijkertijd is volgens Restivo een gezamenlijke aanpak nodig van overheden, netbeheerders en de sector zelf om efficiëntere en energiezuinigere faciliteiten sneller te realiseren.
De Europese datacentermarkt is nooit ontworpen voor de energie-intensiteit die AI met zich meebrengt. Wat jarenlang een capaciteitsvraagstuk was, ontwikkelt zich nu tot een bredere infrastructuurkwestie. AI dwingt de sector om opnieuw te kijken naar waar datacenters worden gebouwd, hoe ze worden ontworpen en hoe snel energie beschikbaar kan worden gemaakt. De onderliggende spanning was al aanwezig, maar wordt door AI voor iedereen zichtbaar.