Microsofts AI-offensief botst met geduld van beleggers

Microsofts AI-offensief botst met geduld van beleggers

Microsoft staat opnieuw in het middelpunt van de discussie over de economische haalbaarheid van kunstmatige intelligentie. Het bedrijf investeert op ongekende schaal in AI-infrastructuur, maar de bijbehorende opbrengsten laten zich minder snel zien dan veel beleggers hadden gehoopt. 

Dat spanningsveld werd pijnlijk zichtbaar na de publicatie van de kwartaalcijfers, waarop het aandeel duidelijk terrein verloor. Dat meldt Reuters. De boodschap uit Redmond is helder: wie voorop wil blijven lopen in AI, moet nu investeren. Dat betekent miljarden aan datacenters, chips en geheugen, met directe gevolgen voor de kostenstructuur. 

Hoewel de omzet stevig blijft groeien, lopen de uitgaven harder op. Voor de markt is dat een signaal dat de winstgevendheid onder druk kan komen te staan, zeker als de groei van clouddiensten afvlakt.

Groei Azure vertraagt

Azure blijft weliswaar groeien, maar niet meer in het tempo dat Microsoft in eerdere jaren wist te realiseren. In een markt waarin vrijwel elke grote techspeler zwaar inzet op AI, wordt het steeds lastiger om je te onderscheiden puur op schaal of technologie. Klanten spreiden hun risico’s, experimenteren met meerdere platforms en zijn kritischer op prijs en prestaties. Dat maakt het lastiger om investeringen snel terug te verdienen.

De samenwerking met OpenAI speelt hierin een dubbelrol. Aan de ene kant gaf die Microsoft een vroege en zichtbare positie in generatieve AI, wat resulteerde in snelle integratie van nieuwe functies in bestaande producten. Aan de andere kant zorgt de sterke verwevenheid ervoor dat een aanzienlijk deel van de toekomstige cloudomzet afhankelijk is van één partij. Nu OpenAI meer vrijheid krijgt om ook elders capaciteit af te nemen, wordt die afhankelijkheid zichtbaarder en minder comfortabel voor investeerders.

Copilot moet AI verankeren

Microsoft benadrukt dat de waarde van AI niet alleen in cloudverbruik zit, maar juist in software. Met Copilot probeert het bedrijf AI te verankeren in dagelijkse werkprocessen van organisaties. Die strategie sluit aan bij Microsofts historische kracht. Dat is het bouwen van platforms die men jarenlang gebruikt en geleidelijk meer waarde opleveren. Het succes van Copilot wordt door Microsoft gepresenteerd als bewijs dat AI langzaam maar zeker zijn weg vindt naar structurele inkomsten.

De bredere context maakt beleggers echter voorzichtig. De gezamenlijke AI-uitgaven van Big Tech bereiken niveaus die eerder alleen bij grootschalige infrastructuurprojecten te zien waren. Zolang het onduidelijk blijft hoe snel deze investeringen zich vertalen naar hogere marges, zal elke aanwijzing van afzwakkende groei zwaar worden gewogen.

Voor Microsoft betekent dit dat het niet alleen technologisch moet blijven leiden, maar ook overtuigend moet aantonen dat AI een duurzaam verdienmodel oplevert. De komende kwartalen worden daarmee minder een technologisch en meer een financieel meetmoment voor de AI-strategie van het bedrijf.