Qualcomm moet modem-patenten in licentie geven aan Intel en anderen

Qualcomm moet een deel van zijn technologie in licentie beschikbaar maken voor concurrenten zoals Intel. Dat heeft een Amerikaanse rechter beslist in de antitrustzaak die de Federal Trade Commission (FTC) in 2017 tegen de chipfabrikant is gestart. Nochtans wordt de rechtszaak volgend jaar pas beslecht.

Volgens de voorlopige uitspraak van de Amerikaanse federale rechter Lucy Koh moet Qualcomm een aantal van de patenten in zijn mobiele modems licentiëren aan concurrerende chipfabrikanten. Zowel Qualcomm als de FTC vroegen om de beslissing met dertig dagen uit te stellen terwijl ze verder onderhandelden, maar de rechter heeft niet geluisterd.

Het is volgens Reuters niet meteen duidelijk of de uitspraak een effect heeft op de gesprekken. Qualcomm was niet beschikbaar voor commentaar. De FTC en Intel wensten niet te reageren tegenover het persbureau.

Voor Qualcomm zou het een belangrijk keerpunt zijn om het op een akkoord te kunnen gooien met de regulator, zonder dat de zaak voor de rechtbank moet worden uitgevochten. De chipbakker is onder meer ook verwikkeld in een langdurig geschil met Apple en beschuldigt de iPhone-bouwer er zelfs van handelsgeheimen te hebben gedeeld met Intel. Door de uitspraak van de rechter lijkt het nu geen andere keuze te hebben dan sommige van die geheimen met de concurrentie te delen.

Oneerlijke concurrentie

De grond van de zaak is dat Qualcomm zijn dominante marktpositie zou misbruiken om eerlijke concurrentie te belemmeren. De chipfabrikant zou telefoonmakers dwingen tot het betalen van oneerlijke licentiekosten en hen maar beperkt toegang geven tot zijn patenten.

Niet alleen de FTC heeft Qualcomm hiervoor op het matje geroepen, ook in andere delen van de wereld hebben regulatoren de praktijken van het bedrijf aan de kaart gesteld. Dat leidde al tot een boete van 815 miljoen euro in Zuid-Korea en 675 miljoen euro in Taiwan. In dat laatste geval werd het uiteindelijk op een akkoord gegooid, waarbij Qualcomm slecht 81 miljoen euro boete moet betalen in ruil voor een investering van 612 miljoen euro in Taiwan over een periode van vijf jaar.