Waarom Cray op flashopslag wedt voor supercomputers

Waar flashopslag sinds een tijdje steeds vaker de weg vindt naar het moderne datacenter, is dat voor supercomputers voorlopig niet het geval. High-performance computing (HPC) steunt nog altijd voornamelijk op draaiende harde schijven voor opslag. Daar komt binnenkort verandering in.

Supercomputerfabrikant Cray bereidt zijn eerste flash storage arrays voor supercomputers voor, als reactie op de veranderende HPC-workloads. De voordelen van de hogere IOPS die flash biedt, waren tot voor kort niet belangrijk genoeg om de hogere kost te verantwoorden. Cray ziet die vraag bij zijn klanten evenwel voldoende stijgen om binnenkort een volwaardig flashsysteem aan te bieden, naast bestaande hybride en HDD-systemen.

ClusterStor L300F

In augustus lanceert de fabrikant de ClusterStor L300F, een flashuitvoering van zijn L300-array met 24 SAS-SSD’s van Seagate. De L300F is goed voor 500.000 IOPS en beschikbaar met een opslagcapaciteit van 38,4TB of 76,8TB. Cray maakt gebruik van het open source parallel bestandssysteem Lustre 2.11, dat erg populair is in supercomputerkringen.

Terwijl bestaande parallelle workloads nog steeds zullen worden ondersteund door HDD-bestandssystemen, is de nieuwe flash-hardware beter geschikt voor workloads die een lage latency vragen, zoals trainingsystemen voor machine learning. Ook simulaties en visualisaties die een ander opslagprofiel hebben dan klassieke parallelle rekenproblemen, kunnen van flash profiteren.

Cray positioneert de L300F als een high-performance component in een Lustre-pool met L300 HDD-arrays als primaire opslag. Met de L300F kunnen systeembeheerders één bestandssysteem beheren, in plaats van afzonderlijke systemen voor flash en schijf.

Trage overgang

Uitsluitend flash gebruiken, blijft vooralsnog te duur, maar de prijzen dalen wel. “Uiteindelijk verwachten we dat de koof kleiner wordt, tot het punt dat het gewoon eenvoudiger is om flash te gebruiken als primair medium en de harde schijf te degraderen tot archieftoepassingen en cold storage“, zegt Mark Wiertalla, product marketing director bij Cray in een interview met Data Center Knowledge.

In geval van supercomputers is het kostenplaatje evenwel niet het enige struikelblok. De overstap naar flash – en daarna NVMe – betekent ook dat bestandssystemen moeten worden herschreven en besturingssystemen aangepast. In geval van NVMe moeten bovendien ook de fysieke behuizingen worden vervangen. Het zal hoe dan ook dus een traag proces zijn.

De L300F is overigens niet het eerste flashproduct van Cray. De fabrikant heeft reeds een hybride oplossing beschikbaar, die HDD en flash combineert: de L300N. Dat systeem biedt het voordeel van flash-caching, zonder dat klanten hun applicaties voor flash moeten optimaliseren.