Wat als een andere website je merknaam schendt?

Het zal je maar overkomen, je wil je merknaam gebruiken als domein voor een nieuwe website, maar dan blijkt dat iemand anders hem al geregistreerd heeft. Of misschien gebruikt een andere website jouw merknaam voor activiteiten waar je niets mee te maken hebt, maar die wel negatief op jouw bedrijf afstralen. Wat kan je doen wanneer een domeinnaam inbreuk doet op jouw intellectueel eigendom?

Bij merkinbreuk heb je gelukkig altijd de wet aan je zijde, ook als het gaat om domeinnamen. De meeste wetgevers beschouwen de onrechtmatige registratie van een domeinnaam die identiek of gelijkaardig is aan het merk of de handelsnaam van iemand anders als een inbreuk op het intellectueel eigendom van die persoon of organisatie. Er bestaat zelfs een officiële term voor de praktijk: ‘cybersquatting’.

Toen het internet nog in opkomst was, ontstond er een ware speculatiegolf waarbij merknamen van grote ondernemingen of namen van belangrijke persoonlijkheden als domeinnaam werden geregistreerd, om die vervolgens duur te verkopen. Zo werd bijvoorbeeld ‘belgacom.be’ geregistreerd door iemand die geen enkele band had met het bedrijf, maar nadien probeerde om de domeinnaam tegen een buitensporige prijs te verkopen. Andere typische redenen voor cybersquatting zijn het profiteren van de naamsbekendheid van een ander voor eigen gewin of het verstoren van de handel van een concurrent.

Toen het internet nog in opkomst was, ontstond er een ware speculatiegolf van domeinnamen.

Procedures

Ben je het slachtoffer van cybersquatting, dan kan je dus wel degelijk actie ondernemen. Je moet eerst wel zeker zijn dat het effectief om een inbreuk op je intellectueel eigendom gaat, waarschuwt Bart Mortelmans, eigenaar van domeinnaamregistrar bNamed.net. “Is de domeinnaam vergelijkbaar met een geregistreerd handelsmerk waarvan jij de eigenaar bent? Is de domeinnaam geregistreerd na jouw merkregistratie? Als één van beide niet het geval is, kan je niet zomaar het recht op de domeinnaam opeisen en zal je hem moeten proberen over te kopen als je hem wilt bezitten. Hetzelfde geldt als de persoon die de naam registreerde rechten kan laten gelden op de domeinnaam.”

Is het antwoord op beide vragen ja en kan de huidige eigenaar van de domeinnaam er geen rechten op laten gelden, dan gaat het om een schending van je merknaam. In België kan je in dat geval beroep doen op een specifieke gerechtelijke procedure om de stopzetting van de onrechtmatige registratie af te dwingen. Daarnaast zijn er ook niet-gerechtelijke procedures mogelijk. Voor .be-domeinnamen heeft DNS.be een alternatieve geschillenprocedure georganiseerd via het Belgisch Centrum voor Arbitrage en Mediatie. Voor .eu-domeinen kan je een gelijkaardige procedure starten bij Eurid, terwijl ICANN voor geschillen over generieke domeinnamen – zoals .com of .org – de Uniform domain name Dispute Resolution Policy (UDRP) heeft opgezet.

Zeker wanneer er geen kwaad opzet in het spel is, raak je er doorgaans onderling ook wel uit.

“We merken evenwel dat dergelijke geschillen in veel gevallen ook kunnen worden opgelost zonder gebruik te hoeven maken van dure en soms langdurige geschillenprocedures of andere juridische stappen”, merkt Mortelmans op. Zeker wanneer er geen kwaad opzet in het spel is, raak je er doorgaans ook wel onderling uit door de eigenaar rechtstreeks zelf te contacteren.

GDPR

Sinds de GDPR-regels van kracht zijn, is het wel moeilijker geworden dan voorheen om aan de contactgegevens van een website-eigenaar te raken. Voor de inwerkingtreding van de GDPR stonden de volledige contactgegevens van de eigenaar van een domeinnaam publiek vermeld in de WHOIS-database. Dat viel evenwel niet te rijmen met de nieuwe privacyregels, die striktere voorwaarden opleggen voor de verwerking van persoonsgegevens.

Vandaag is de informatie die publiek zichtbaar is via WHOIS veel beperkter. “Volgens tijdelijke voorschriften voor gTLD’s (generieke topleveldomeinen, nvdr.) moet de WHOIS nu ofwel een geanonimiseerd e-mailadres tonen, ofwel een link naar een webformulier waarmee je contact kan opnemen met de eigenaar”, legt Mortelmans uit. “Maar niet alle registrars voldoen reeds aan deze regels.”

Een andere optie is dan om contact op te nemen met de registrar en/of de registry om de informatie te verkrijgen. Beheerders van generieke topleveldomeinen zijn verplicht om de informatie aan te reiken, op voorwaarde dat je een geldige reden hebt. “Verwacht niet dat ze de informatie overhandigen alleen omdat je erom vraagt. Wees voorbereid om enkele vragen te beantwoorden over waarom je het recht zou hebben om de informatie te zien”, verduidelijkt Mortelmans. Voor landgebonden domeinen neem je best rechtstreeks contact op met de relevante registry. De meeste onder hen hebben de nodige procedures om contactgegevens te delen.

Vriendelijk mailtje

Wanneer je klaar bent om de website-eigenaar te contacteren, heeft Mortelmans nog een aantal tips. “Je wil niet te dreigend overkomen, maar wees wel duidelijk. Je eerste poging om contact op te nemen is bij voorkeur via een simpel mailtje. Als er binnen een redelijke termijn geen antwoord volgt, probeer dan hetzelfde te verzenden via aangetekende post.”

Onthoud dat je op zoek bent naar een oplossing, geen wraak.

Leg in je e-mail eerst en vooral uit waarom het domein inbreuk doet op je handelsmerk. Mortelmans raadt daarnaast aan om de grotere persoon te zijn en een compensatie aan te bieden voor de registratiekosten. “Wees niet te goedkoop en houd rekening met wat een normale geschillenbeslechting je zou kosten in geld én tijd. Hoewel je misschien niet zo enthousiast bent om te betalen, ben je op zoek naar een oplossing, geen wraak.”

Tot slot is het belangrijk om volledig voorbereid te zijn om een transfer van de domeinnaam snel en soepel af te handelen. Geef in je communicatie pro-actief alle relevante informatie mee die de huidige eigenaar nodig heeft om de domeinnaam over te dragen. “Je wil de overdracht zo gemakkelijk mogelijk maken, zodat ze niet van gedachten veranderen, simpelweg omdat de overdracht te veel gedoe lijkt te zijn.”

Als het toch op niets uitdraait, heb je nog steeds bovenvermelde procedures ter beschikking, maar eerst een minnelijke oplossing proberen kan je veel tijd en geld besparen. “Het zou je verbazen hoe vaak op deze manier een oplossing kan worden gevonden”, besluit Mortelmans overtuigd.