Hoe GTT zich met Interoute ontpopt tot globale uitdager op de telecommarkt

De Amerikaanse telecomspeler GTT Communications mist in Europa nog naamsbekendheid, maar zette in 2018 in één klap voet aan grond met de overname van Interoute voor 1,9 miljard euro. Die acquisitie is ondertussen verteerd en alles werd in stelling gebracht om in 2020 de markt uit te dagen. Techzine sprak met Michel Verwaerde, Country Manager BeLux bij GTT.

GTT werd twaalf jaar geleden opgericht als een integrator van telecomdiensten en netwerkoplossingen, maar verschoof in 2009 zijn bedrijfsmodel en ontpopte zich tot een netwerkexploitant van IP-transit- en ethernetservices. Vanaf dat moment wordt de verdere geschiedenis van GTT getekend door een aaneenschakeling van acquisities, meer dan veertig in totaal, met als resultaat een bedrijf dat één van de top drie transcontinentale Tier 1 IP-backbones uitbaat en in 2017 een jaaromzet van bijna 830 miljoen dollar realiseerde.

Tot dan was GTT evenwel hoofdzakelijk een Amerikaans bedrijf dat Amerikaanse multinationals wereldwijd bediende, maar er niet in slaagde om de Europese enterprisemarkt aan te boren. Om daar verandering in te brengen besloot het telecombedrijf in februari 2018 om het Europese Interoute over te nemen voor 1,9 miljard dollar, waardoor het in één klap een van Europa’s grootste onafhankelijke glasvezelnetwerken en cloudnetworkingplatformen in handen kreeg. Michel Verwaerde was op dat moment werkzaam bij Interoute als Country Manager voor België en Luxemburg en maakte in die hoedanigheid mee de overstap naar GTT.

Europese tegenhanger

“Interoute deed hetzelfde als GTT: multinationale ondernemingen bedienen met managed services via zijn globale netwerkinfrastructuur, maar dan gericht op de Europese markt”, legt Verwaerde uit. “Het botste eigenlijk ook op dezelfde problemen. Van zodra een Belgische of Europese multinational een zware voetafdruk in Amerika begon te krijgen, gingen we die typisch aan de concurrentie verliezen.”

Interoute deed hetzelfde als GTT, maar dan gericht op de Europese markt.

Beide organisaties vonden elkaar op het goede moment. De hoofdaandeelhouder van Interoute, de Sandoz Family Foundation, had reeds besloten dat verkopen de beste optie was om het bedrijf schaalvoordeel op te leveren, en was op zoek naar een geschikte koper toen GTT begin 2018 op het toneel verscheen.

Op 1 juni 2018 had de deal alle goedkeuringsrondes doorlopen en werd Interoute officieel onderdeel van GTT. Nog eens anderhalf jaar later is die integratie volledig achter de rug en staat er een nieuwe telecomspeler klaar, met een omzet van om en bij 1,7 miljard dollar, ruim 3.000 personeelsleden en een sterke aanwezigheid in zowel Amerika als Europa.

Globale B2B-telecomspeler

“We zetten onszelf vandaag in de markt als cloud networking service provider”, vertelt Verwaerde. “Dat betekent dat we elke klant, waar die zich ook ter wereld bevindt, met al zijn applicaties verbinden, of die nu in de publieke of private cloud staan. Dat doen we voor multinationale ondernemingen.” Dat laatste ziet Verwaerde als een belangrijke troef. Doordat GTT zich uitsluitend op B2B richt, blijft het bedrijf volgens hem heel gefocust, in tegenstelling tot de grote telecomspelers die ook de consumentenmarkt bedienen.

Verwaerde ziet de Verizons, Deutsche Telekoms en Orange Business Services van deze wereld als het concurrentieveld waarin GTT zich als uitdager begeeft. Een new kid on the block dus, die de gevestigde waarden voor het eerst écht globaal kan uitdagen.

Klanten zijn geen nummertje bij ons, we willen ook een meer consultatieve rol spelen.

 “We mikken niet op hun topklanten, maar op de klanten die voor hen niet de grootste zijn, maar voor ons wel, zodat we op service kunnen differentiëren. Klanten zijn geen nummertje bij ons, we willen ook een meer consultatieve rol spelen. Daarnaast proberen we ons te positioneren als innovatieve voorloper en pionier met nieuwe technologieën om de markt uit te dagen.” 

Virtualisatie van netwerkfuncties

Typische klanten in België zijn onder meer Barry Callebaut, Greenyard, Lotus Bakeries en Sibelco. Bedrijven die wel internationaal opereren, maar niet groot genoeg zijn om meteen zelf grote IT-teams uit te rollen. Zij kozen voor GTT omwille van de consultatieve begeleiding en ervaring in SD-WAN en virtuele netwerkfuncties.

“Telecomfunctionaliteit wordt steeds meer gevirtualiseerd en dat is exact waar we voorloper in zijn en willen blijven”, klopt Verwaerde zich op de borst. In plaats van verschillende appliances voor routing, application performance, security enzovoort, zit alle netwerkfunctionaliteit op een locatie in één stuk hardware verpakt, meer bepaald een Dell-server, die centraal kan worden beheerd en geconfigureerd.

Telecomfunctionaliteit wordt steeds meer gevirtualiseerd. Daar willen we voorloper in zijn.

De server wordt over een zo kort mogelijke lijn (via de meest geschikte technologie) met de backbone van GTT verbonden, zodat de serviceprovider het snelste en meest veilige pad van communicatie kan garanderen en de klant van een end-to-endoplossing geniet. “De software bepaalt op basis van realtime gegevens over de beschikbaarheid van het netwerk wat er met een pakketje moet gebeuren en welke prioriteiten een bepaalde applicatie krijgt”, verduidelijkt Verwaerde.

Dat heeft een paar voordelen. Er hoeft maar één keer hardware geleverd te worden, de configuratie kan vanop afstand gebeuren en je kan eenvoudiger van technologie wisselen. Omdat alles softwarematig gebeurt, is het in principe maar een kwestie van nieuwe licenties uit te rollen. “Bedrijven moeten sneller kunnen inspelen op veranderingen in de markt”, weet Verwaerde. “Die flexibiliteit vraagt ook een flexibel netwerk. Digitale transformatie begint volgens ons met je netwerkarchitectuur.”

Datacenters van Interoute

Met de overname van Interoute kreeg GTT plotsklaps ook 15 datacenters, 51 colocatiefaciliteiten en een Europees netwerk van 70.000 kilometer glasvezel in handen. De voormalige CTO van Interoute, Matthew Finnie, had de visie om een Europese concurrent voor AWS, Microsoft Azure en Google Cloud te maken, en investeerde daarom in datacentercapaciteit en uitbreiding van het glasvezelnetwerk.

Daar zat op zich muziek in. Interoute had voldoende bandbreedte ter beschikking om zichzelf te onderscheiden met een cloudaanbod van reken- en netwerkcapaciteit, die automatisch kan op en neer schalen. Vrij snel kwam het bedrijf evenwel tot de conclusie dat dit een strijd was die het niet kon winnen. De concurrentie was simpelweg te groot en had veel meer middelen ter beschikking. Het was dan op dat moment dat de Sandoz Family Foundation besloot om de markt op te gaan.

We hoeven geen eigenaar te zijn van datacenters om onze strategie uit te voeren.

GTT is niet van plan om het oorspronkelijke idee van Interoute verder te zetten, maar kan de datacenters natuurlijk wel gebruiken voor zijn eigen infrastructuur, al overweegt het om een deel van de capaciteit af te stoten. “Recent is beslist dat we geen eigenaar hoeven te zijn van datacenters om onze strategie uit te voeren”, vertelt Verwaerde. Hetzelfde met onze glasvezel. Moeten we dat allemaal zelf in eigendom hebben en onderhouden? We kunnen het ook inkopen.”

Er is volgens Verwaerde veel interesse in de markt voor dergelijke Layer 1-infrastructuur, terwijl het voor GTT geen toegevoegde waarde biedt, omdat het steeds goedkoper wordt om bandbreedte en rekenkracht in te kopen. Er werden daarom twee banken aangeduid, die moeten onderzoeken of een deel van de infrastructuur kan worden verkocht “Dat laat ons toe om prijstechnisch scherp te blijven en zorgt voor financiële rendabiliteit op lange termijn. Het geeft ons de mogelijkheid om binnenkort weer gemakkelijk naar nieuwe acquisities te kijken, zodat we ons portfolio verder kunnen versterken en geografische zwaktes oplossen.”

In zekere zin maakt GTT nu dus de omgekeerde beweging, nadat het eerst via verschillende overnames een hele infrastructuur had uitgebouwd. Die investeringen waren nodig om te kunnen staan waar het nu staat, maar eigendom van de infrastructuur is op dit moment niet meer relevant voor het telecombedrijf. “Onze diensten situeren zich op IP-niveau en daar blijven wij onze Tier 1-backbone behouden. Of we daar morgen een stuk van inkopen of het een stuk van onszelf is, dat maakt eigenlijk niet uit. Het is niet langer van belang of we de glasvezel zelf belichten. We moeten gewoon de juiste capaciteit en de juiste routes hebben.”