Is het tijd om VR en AR in je onderneming te omarmen?

Het is intussen meer dan drie jaar geleden dat Oculus de eerste commerciële versie van de Rift lanceerde. Sinds dan zijn grote namen zoals Facebook en Microsoft, maar ook hardwarebouwers zoals HP en HTC, op augmented en virtual reality gesprongen. Overstijgt de technologie de gimmick al?

2016 was het jaar van VR, met de lancering van zowel de Oculus Rift en de HTC Vive. Beide bedrijven richtten zich op gamers met hun VR-headsets. Het idee was (en is nog steeds) dat zij in hun spellen kunnen stappen. Er zijn intussen heel wat leuke games, maar een echte ‘killer app’ ontbreekt. De laatste drie jaar pivoteerden beide bedrijven naar de zakelijke markt met hun hardware.

AR in de plaats van training

Daarbij waren ze niet alleen. Microsoft sprong tot ieders verrassing mee op de kar, eerst met de HoloLens AR-bril, vervolgens met integratie van 3D VR en AR-capaciteiten recht in het Windows 10-besturingssysteem. Dat zorgde dan weer voor interesse van traditionele OEM’s, zoals HP en Lenovo, die prompt aan de slag gingen met ontwerpen voor hun eigen brillen.

Vandaag, meer dan drie jaar na de lancering van de eerste headsets, domineert professionele hardware het productportfolio. Wil dat ook zeggen dat de technologie de moeite waard is binnen jouw organisatie?

 

Techzines hoogsteigen Dries Cludts ziet door de Hololens wat er mis is met deze compressor en wordt via een HUD begeleid in een fictieve reparatie.

Microsoft lijkt alvast overtuigd van het nut van VR en AR in organisaties ter ondersteuning van complex werk. Denk aan een heads-up-display dat aangeeft hoe een machine in elkaar zit, zodat een technicus een defect kan repareren zonder voorafgaande training in het specifieke toestel. Ook voor samenwerking tussen CAD-designers verwacht het bedrijf veel.

Samen in 3D

Die toepassing is ook HTC niet ontgaan. Waar Microsoft AR gebruikt en een CAD-model in de kamer haalt, stap je bij HTC een virtuele ruimte in waar je het model in al zijn glorie kan bewonderen. In het geval van Microsoft kan je je collega in de kamer zien, HTC zet in op samenwerking op afstand met digitale avatars. De VR-ervaring werkt naar ons gevoel een stuk beter: de HoloLens heeft immers een beperkte ‘field of view’, waardoor een model nooit helemaal in beeld is, wat in VR geen probleem vormt.

Bovendien voegde HTC oogtracking toe aan zijn bril en zorgt een slim algoritme voor mondbewegingen wanneer je praat. Resultaat: je kan zien waar de avatar van je collega naar kijkt en als hij tegen je praat via zijn headset, zie je de mond mee bewegen. Dat lijkt misschien kinderachtig, maar maakt naar ons gevoel een wereld van verschil in een professioneel samenwerkingsverband.

 

Je kan zien waar de avatar van je collega naar kijkt en als hij tegen je praat via zijn headset, zie je de mond mee bewegen.

 

Software om CAD-modellen te bekijken en bewerken in VR en AR wordt steeds geavanceerder. Opnieuw zijn de mogelijkheden in VR iets groter. Links met professionele 3D-ontwerpsoftware bestaan al, wat wil zeggen dat je een Maya-model in principe gewoon kan openen in de virtuele kamer, om er vervolgens in 3D annotaties aan toe te voegen. Voor 3D-werk en -visualisatie lijkt de technologie vandaag dus al een grote en vooral ook toegankelijke meerwaarde te bieden. Al wat je nodig hebt is een bril naar keuze en een vrije ruimte.

Niet altijd een goed idee

Ook samenwerking buiten de 3D-sector wordt gestimuleerd. Zo kan je samen in VR naar een powerpointpresentatie kijken op een immens scherm. Hier komt de gimmick-factor opnieuw naar boven. Zonder de aanwezigheid van 3D-elementen is de meerwaarde naar onze mening beperkt. Een goed videoconferentiesysteem is een stuk persoonlijker.

Persoonlijkheid is ook het probleem wanneer we de technologie uit de ontwikkelaarswereld halen en consumenten er bij proberen te betrekken. Het lijkt immers intuïtief om een prospect in een dealership van luxewagens te laten plaatsnemen in een virtuele wagen. Een architect kan zijn klanten dan weer laten rondkijken in het 3D-model van hun nieuwe woonst, zodat ze zeker tevreden zijn nog voor de spade in de grond gaat.

Mensen werken tegen

Het technische argument is sterk, maar het menselijke argument gooit roet in het eten. Om te beginnen zijn niet alle klanten techneuten. Zo hoorden we een tijdje geleden nog van een verkoper die een klant niet kon overtuigen om een VR-bril op te zetten, omdat die het kapsel om zeep zou helpen. Ook voor brillendragers is een headset een probleem, al betert dat wel.

 

AR- en VR-Brillen blijven afschrikken, niet in het minst omdat ze er nogal knullig uitzien, zoals Techzine-opperbaas Cédric Van Loon demonstreert. Zelfs als ze minimalistisch zijn zoals dit consumententoestel van Nreal.

Vervolgens speelt het isolerende karakter van een headset een rol. De bril vormt een barrière tussen verkoper en klant. De technologie zal voor zichzelf moeten spreken, want de band met de verkoper wordt afgeknipt. Dat wil niet zeggen dat visualisatie geen goed idee is, maar de bril vormt wel een probleem.

Nanopixel demonstreerde recent een oplossing waarbij grote schermen worden gebruikt om aspirant-kopers door een appartement te loodsen. De woonst is volledig gedigitaliseerd, tot het uitzicht toe. Door de kopers voor een scherm te plaatsen valt het 3D-element weg, maar met een display van een stevig formaat blijft de immersie wel. Bovendien stapt de verkoper mee in de ervaring en kan hij zijn ding blijven doen.

AR zonder bril

De vraag is dus of AR en VR met een bril wel een goed idee zijn in een verkooprelatie. Zonder bril heeft AR natuurlijk wel zijn nut. Denk aan smartphone-apps waarmee kopers hun muur digitaal kunnen verven, of een kast kunnen inpassen in de woonkamer voor ze naar de winkel trekken. Digitalisering en visualisatie hoeft bovendien niet meteen voor AR en VR. Een website met aanpasbare visualisaties brengt klanten al een heel eind.

 

Visualisatie heeft een grote meerwaarde, maar daar hoeft niet noodzakelijk een bril mee gepaard te gaan. Deze demo-setup van Nanopixel toont een concept waarbij een woonst wel in 3D te bezoeken is, maar dat bezoek via een scherm gebeurt onder begeleiding van de verkoper.

Brillen zijn vandaag zo betaalbaar dat het de moeite loont om te experimenten als daar ruimte voor is. Je hoeft geen dure HoloLens te kopen en zelfs voor de Vive en de Oculus zijn er alternatieven, speciaal voor zakelijk gebruik. Denk maar aan de Reverb-headset van HP of de ThinkReality van Lenovo. Helemaal praktisch is het allemaal nog niet. Krachtige computers zijn een must, net als kabels om de brillen te verbinden (al lost HP dat op met een rugzakworkstation).

Soms heel nuttig…

Er wordt door OEM’s in ieder geval sterk ingezet op AR en VR. Of de technologie al nuttig is buiten een pilootproject hangt van de situatie af. Van de demo’s die we al konden bijwonen, lijkt de meerwaarde in de context van 3D-design duidelijk. De investering is bovendien niet enorm en de software staat op een punt dat de kans groot is dat je bestaande modellen gewoon kan inladen. Een model zien loskomen van het 2D-scherm doet in dit geval al wonderen en het wordt helemaal interessant wanneer je met enkele collega’s een 3D-prototype wil bespreken.

…maar soms iets minder

Daarbuiten is het antwoord minder eenduidig. AR lijkt zijn waarde al te bewijzen in een handvol scenario’s, maar geen daarvan gaat gepaard met een bril. De enige uitzondering is de HoloLens die in industriële omgevingen wel degelijk meerwaarde biedt door ingenieurs bij te staan in reparaties van machines. Ondersteuning uitwerken voor de HoloLens en de relevante machines kost tijd en geld, maar in de regel minder dan gepaard gaat met productspecifieke opleidingen voor gekwalificeerd personeel.

Verder bewijzen geavanceerde digitale modellen wel hun nut, als ze zonder bril geïmplementeerd worden. Headsets zijn nog totaal niet ingeburgerd, waardoor ze minder technisch onderlegde mensen afschrikken en bovendien menselijk contact met een verkoper minimaliseren.

Gerelateerd: Eerste indruk: Microsofts HoloLens 2 is klaar voor het echte werk