Veilig en ecologisch: wat het splinternieuwe datacenter van Orange in Antwerpen zo speciaal maakt

Orange opent vandaag een splinternieuw datacenter ter ondersteuning van zijn telecomactiviteiten. Het sterk beveiligde datacenter werd speciaal gebouwd om de C02-neutrale ambitie van Orange te ondersteunen.

Met een oppervlakte van 1.000 vierkante meter, goed voor 500 high densitity dataracks, herbergt een weinig zeggend gebouw in een al even anoniem industriepark nabij de polders van Hoboken een nieuw en ambitieus datacenter van Orange. In 2016 werden de plannen getekend, in 2017 ging de eerste spade in de grond en vorig jaar werd het opgeleverd. Vandaag vond de plechtige opening plaats in het bijzijn van CEO Michaël Trabbia en Vlaams minister voor Innovatie Philippe Muyters.

Bombastische opening

Die kreeg de eer om met een decoratieve hardhat op het hoofd de deuren van het datacenter te openen, wat gepaard ging met een bescheiden lichtshow en het thema van 2001 A Space Odyssey. De bombarie illustreert dat Orange best trots is op dit datacenter, en met reden. Waar een gebouw volgepropt met servers an sich niets nieuws is, is de ecologische insteek en de energiezuinige aanpak van dit gebouw dat wel.

 

Het datacenter achter de deur is al operationeel, maar de echt kritieke infrastructuur wordt in de komende weken en maanden geplaatst. Foto’s zijn vanaf dan geen optie meer.

“We merkten dat onze klanten veel belang hechten aan de ecologische impact van onze activiteiten”, vertelt Johan Deschuyffeleer, voorzitter van de raad van bestuur van Orange Belgium. “Daar heeft Orange met dit datacenter volop op ingezet”.

CO2-neutraal

Dat betekent concreet dat het datacenter 98 procent van het jaar CO2-neutraal kan draaien. Daarvoor maakt Orange gebruik van een innovatief koelsysteem waarbij convertors op het dak de warme lucht koelen met de hulp van de buitenlucht, zonder dat daar extra energie wordt ingepompt. “Zolang de buitentemperatuur onder de 27 graden blijft, houden we het datacenter op die manier fris”, verduidelijkt datacentermanager Wim Demulder. Enkel op warme zomerdagen doen de convertoren dienst als traditionele airco.

De opbouw van het datacenter volgt zo een lichtjes andere structuur vergeleken met veel traditionele serverparken. Koude lucht wordt langs onderen aangevoerd en in gangen tussen de serverkasten geblazen. Die worden zo langs de achterzijde gekoeld. De warme lucht komt vervolgens in de kamer terecht en stijgt naar het plafond. Veel datacenters maken gebruik van een omgekeerde aanpak, waarbij de ruimte koel wordt gehouden en warme lucht via een ‘hot corridor’ tussen de servers wordt afgevoerd.

 

De beperkte ecologische voetafdruk van het datacenter is een speerpunt van Orange, en de ambitie wordt ook door minister Muyters gelauwerd.

Het datacenter, dat een elektrische capaciteit heeft van drie megawatt, bereikt zo een energie-efficiëntiecoëfficiënt van 1,2. “Terwijl 1,5 doorgaans de norm is”, volgens CEO Michaël Trabbia. Orange heeft als organisatie de ambitie om CO2-neutraal te zijn en dit datacenter draagt daaraan bij.

Kritieke infrastructuur

Natuurlijk investeerde Orange geen 14 miljoen euro in het datacenter om een ecologisch statement te maken. Het gebouw zal de functionaliteit van de telecomprovider naar de toekomst ondersteunen. “Vergeleken met 2018 steeg het dataverbruik van onze klanten met 79 procent”, aldus Trabbia. “We bedienen 3,1 miljoen traditionele klanten en 1,1 miljoen machine-to-machine-connecties. Om dat te ondersteunen, investeren we niet alleen in het netwerk, maar ook in onze core-infrastructuur.

Tegen de zomer moet het pas geopende gebouw kritieke IT- en telco-infrastructuur van Orange huisvesten. “De telecominfrastructuur komt vooraan”, verduidelijkt Demulder, “want die werkt op 48 volt. De klassieke IT-infrastructuur werkt met 220 volt.” In het midden van het datacenter zien we nog een relatief grote open ruimte, waar Trabbia, Muyters en Deschuyffeleer hun speeches hielden. “Die laat ons toe om groei te voorzien voor IT- of telco-materiaal, al naargelang wat nodig is.”

 

Tegen de zomer moet het pas geopende gebouw kritieke IT- en telco-infrastructuur van Orange huisvesten.

 

Na de migratie van bestaande apparatuur zal het datacenter nog voor twee derde leeg staan. Demulder: “Die ruimte voorzien we voor groei in de toekomst, en de ondersteuning van 5G- en IoT-functionaliteit.” Het Antwerpse datacenter zal zo een belangrijke rol spelen in de ondersteuning van de activiteiten van Orange de komende jaren.

Vlaamse concurrentie

Het kritieke gebouw is bijgevolg goed beveiligd. Binnen raak je enkel via een gecontroleerd sas. Ook operationeel kan het datacenter tegen een stootje. Alle systemen zijn redundant, van de glasvezelverbinding tot de stroomgroepen. “Hopelijk is het nooit nodig, maar dit datacenter kan een week blijven functioneren zonder netstroom”, benadrukt Trabbia. Daarvoor zijn er twee groepen van dieselgeneratoren voorzien (opnieuw redundantie), samen met een brandstoftank die het systeem een week draaiende moet houden. Of het zal nodig zijn, weten we niet, maar in tijden van dreigende stroomtekorten krijgen datacenters zoals dit nieuwe exemplaar soms de vraag om even op diesel te draaien en zo het stroomnet minder te belasten.

Vlaamse minister voor Innovatie Muyters laat tot slot weten erg blij te zijn met de investering van Orange, zowel vanuit een ecologisch als een technologisch standpunt. “Alles wordt vandaag smart. Data wordt alsmaar belangrijker, niet alleen voor consumenten maar ook voor ondernemingen. Slimme wagens die met elkaar praten of fabrieken waarin sensoren alles opvolgen hebben nood aan een goede infrastructuur. Een capaciteit die groot genoeg is, is essentieel voor de concurrentiepositie van de onze bedrijven.”

Gerelateerd: LCL breidt datacenter in Antwerpen uit