Hoe Proximus met ultra vectoring aan sneller internet werkt

Glasvezel is de toekomst, maar de uitrol ervan in heel België is een project op lange termijn. Daarom zijn tussenoplossingen cruciaal. De huidige telefoonkabel heeft zijn beperkingen, maar ultra vectoring opent binnenkort de weg naar snellere prestaties.

Proximus staat vandaag zwaar onder druk van Telenet en Voo, en moet zijn aanbod scherp houden. De topsnelheid vandaag staat op 100 Mbps, terwijl Orange en Telenet met 200 tot zelfs 400 Mbps schermen. Proximus maakt gebruik van de telefoonkabel, Telenet van de coaxkabel. Zonder een van beide inferieur te noemen, moet Proximus een duidelijke stap voorwaarts zetten om competitief te blijven. Dat komt er nu aan onder de noemer ‘ultra vectoring’.

Vectoring

Om de nieuwe techniek fatsoenlijk te begrijpen, moeten we eerst een stap terug zetten. Sinds 2014 doet Proximus namelijk aan vectoring op al zijn VDSL2-lijnen. Hiermee zijn snelheden tot 100 Mbps mogelijk. “Vectoring is een knap staaltje techniek dat je het best kan vergelijken met een noise-cancelling hoofdtelefoon,” zeggen enkele technici van Proximus waarmee we hebben gesproken. “Het schakelt de negatieve invloed uit tussen de verschillende koperparen, om zo een zuiver signaal te krijgen met een hogere bitrate.”

 

“Vectoring is een knap staaltje techniek dat je het best kan vergelijken met een noise-cancelling hoofdtelefoon.”

 

Elk koperpaar kan het andere een beetje storen. Er is namelijk altijd een lek van punt A naar punt B. Vectoring meet die stoorsignalen en kan die annuleren. Die ruis is significant, want uit een klassieke straatkast vertrekken een paar 100 lijnen. “Elke koperkabel heeft last van crosstalk. Dat is pure fysica in de kabel. Je zal altijd wat verlies hebben, dat doorlekt naar het volgende huis,” zegt Proximus.

Straatkasten

De VDSL2-hardware die vandaag in alle straatkasten (meer dan 26.000) zit, ondersteunt vectoring. Die gaat de invloed van elk koperpaar autonoom opmeten en met die kennis pre-coding toepassen om de invloed van ruis teniet te doen. Proximus: “Het geeft een soort van tegensignaal om ruis uit te schakelen. Hoe langer de lijn, hoe minder ruis de beperkende invloed is. Hoe korter de lijn, hoe meer winst er kan worden geboekt.”

Het gevolg hiervan is dat klanten die dicht bij een straatkast wonen de geadverteerde abonnementssnelheid vlot kunnen halen. Wie verder weg woont, krijgt te maken met verzwakking. Vectoring kan voor een boost zorgen wanneer er veel signalen zijn in het begin van de koperkabel, maar daarna vermindert de ruis en bijgevolg ook de impact van vectoring. “Hoe verder van de kast, hoe minder signalen er zijn die storen. Dan wordt de verzwakking van het signaal de snelheidsbeperkende factor,” benadrukken de technici.

 

“Hoe verder van de kast, hoe minder signalen er zijn die storen. Dan wordt de verzwakking van het signaal de snelheidsbeperkende factor.”

 

“Vandaag testen we reeds een aanpak waarmee we met de VDSL-technologie koperkabellengtes tot ongeveer drie kilometer kunnen aansluiten. Heel recent is er echter een nieuw amendement toegevoegd aan de VDSL2-standaard, een nieuwe annex op internationaal niveau, om het bereik uit te breiden tot vijf kilometer. Zo kunnen we in de toekomst nog meer klanten op VDSL aansluiten.”

ADSL-historiek

Dat laatste is heel belangrijk omdat het zal toelaten om op nog meer straatkasten alle gebouwen op VDSL aan te sluiten. Ondanks het feit dat het grootste deel van de klanten al op VDSL zit, is er nog altijd een beperkt aantal ADSL-klanten. Die wonen dikwijls in afgelegen gebieden, waar een extra straatkast economisch niet haalbaar is. Op ADSL-lijnen kan je geen vectoring toepassen. Erger nog: een straatkast waar zowel ADSL- als VDSL-connecties zitten, presteert minder dan een volledige VDSL-geconfigureerde kast.

De technici van Proximus leggen uit waarom: “Je kan vectoring toepassen op alle VDSL-lijnen in de kast, maar de ruis van aanwezige ADSL-lijnen kan je niet elimineren. Het resultaat is een lagere bitrate. Daarom loopt een project waarbij we gradueel ADSL-lijnen migreren naar VDSL in straatkasten waarvan alle leefeenheden op VDSL aansluitbaar zijn. Dan boeken we dubbele winst: de nieuwe VDSL-klant krijgt een snelheidsboost en de bestaande VDSL-klant eveneens, omdat er ook in de ADSL-frequenties ruisonderdrukking kan worden uitgevoerd op alle VDSL-lijnen.”

Ultra vectoring

Tot zover vectoring, wat vandaag al wordt toegepast in alle straatkasten van Proximus. Wat betreft ultra vectoring zit Proximus nog in de testfase met veldtesten om de resultaten te evalueren. Een doorvoersnelheid tot 250 Mbps is volgens Proximus een gezonde ambitie. De massale uitrol staat voor later gepland. Zo heeft Proximus tijdens de testfase nog genoeg flexibiliteit om bij te sturen waar nodig, tot alles op punt staat.

 

De grootste voordelen van ultra vectoring voel je tot maximaal 350 meter van de straatkast.

 

Ultra vectoring heeft als voornaamste kenmerk dat het spectrum wordt verdubbeld van 17,6 MHz naar 35 MHz. Kort door de bocht: op korte afstanden geeft dat meer dan een verdubbeling in bitrate. “Dat zijn wetten uit de wiskundige communicatietheorie,” leggen de technici uit. “De bitrate die je door een medium stuurt, staat recht evenredig met het spectrum. Daarom hoor je nu bij 5G dat het spectrum een grote economische waarde heeft. Bij koper is dat eigenlijk hetzelfde.”

Hoe hoger het spectrum, hoe beperkter de afstand wordt waar je meerwaarde ziet. De grootste voordelen van ultra vectoring voel je volgens Proximus tot maximaal 350 meter van de straatkast. Verderop is het nog beter dan klassieke vectoring, maar neemt het grootste voordeel van ultra vectoring af.

Economische keuzes

Waarom heeft Proximus dit nog niet eerder gedaan? “Dat heeft vooral te maken met de stand van techniek en economische wetmatigheden”, vertelt Proximus. “Stel dat je 100 klanten bedient vanuit één straatkast. Dat betekent 100 stoorders en 100 gestoorden. Elk puntje moet je meten in een matrix en mathematisch verwerken. Bovendien is er nog een derde dimensie waarmee je rekening moet houden: het frequentiebereik. Dat maakt het allemaal nog complexer.”

VDSL is gebaseerd op Discrete Multitone (DMT)-modulatie. Per 4,3 kHz ga je een modulatiesignaal toevoegen. Elke frequentieband is orthogonaal ten opzichte van de andere. Je kan ze het best beschouwen als aparte entiteiten. Vandaar dat het gebruikte frequentiegebied als derde dimensie mee het aantal berekeningen bepaalt die nodig zijn om vectoring te doen werken. Hoe groter het gebruikte frequentiegebied, hoe meer berekeningen.

 

“De wiskunde achter ultra vectoring bestaat al 20 tot 30 jaar, maar de budgetvriendelijke processoren die dit aankunnen zijn er zo lang nog niet.”

 

Daarom is vectoring nog maar sinds 2014 beschikbaar voor klanten en staat ultra vectoring voor later ingepland. “De wiskunde erachter bestaat al 20 tot 30 jaar, maar de budgetvriendelijke processoren die dit aankunnen zijn er zo lang nog niet. Hier is het opnieuw de prijs die de doorslag geeft, want er moeten ten slotte heel wat straatkasten van nieuwe hardware worden voorzien”, zegt Proximus.

Naast de prijs is warmtedissipatie ook een belangrijke factor. Een straatkast heeft maar een beperkte warmte-afvoer en moet tegen heel wat weersomstandigheden kunnen. Daarom moet spitstechnologie dikwijls efficiënter en volwassener worden, voordat het massaal kan worden uitgerold.

G.fast-alternatief

Proximus is niet de enige die gestart is met ultra vectoring. In Nederland trekt KPN de kar en in Duitsland is het Deutsche Telekom. Beide zitten ook nog maar in een experimentele fase, zoals Proximus. Met vectoring over het VDSL2-netwerk was Proximus een van de eerste ter wereld die de techniek nationaal uitrolde. Afwachten of dat met ultra vectoring ook zal zijn.

 

Bron: AdTran / AVM

Heel wat partijen werken dus aan ultra vectoring, maar er zijn ook concurrerende technieken. Zo kiest BT in de UK voor de G.fast-standaard. Die werkt op het 106 MHz-spectrum, wat veel hoger is dan de 35 MHz van ultra vectoring. Een flinke snelheidsboost is het resultaat, maar het aantal klanten dat ervan kan profiteren daalt gevoelig door de beperktere draagwijdte van G.fast. Bovendien kan elke kast maar maximaal 96 klanten aansluiten, omdat de huidige hardware niet meer kan verwerken aan 106 MHz.

Bij Proximus willen ze 192 tot zelfs 384 klanten aan een kast kunnen aansluiten, wat onmogelijk is met de hardware van vandaag op G.fast. Onder andere daarom hebben ze voor ultra vectoring gekozen. In de markt staat de techniek beter bekend als vectored 35b VDSL2, maar Proximus kiest voor het marketingsausje over de term.

Wanneer hier?

De beperking van ultra vectoring en bijhorende verdubbeling van het spectrum, is afstand. Om meer mensen van sneller internet te voorzien, werkt Proximus aan kleinere straatkasten met een beperkt aantal aansluitingen. Die worden met glasvezel verbonden aan de grotere kasten. Ook daar zijn testen rond bezig.

 

Om meer mensen van sneller internet te voorzien, werkt Proximus aan kleinere straatkasten met een beperkt aantal aansluitingen.

 

Er hoeft zelfs niet altijd een glasvezelverbinding te zijn tussen de grote en de toekomstige kleine straatkast. “Indien het economisch niet haalbaar is om een glasvezelkabel te leggen, kunnen we acht tot zestien koperparen bij elkaar bundelen. Dit is een zeer innovatief concept dat door de industrie wordt opgepikt en samen met Nokia is uitgedacht.”

De koperkabel heeft volgens Proximus lang niet zijn laatste woord gezegd, maar het spreekt voor zich dat glasvezel de toekomst is. In nieuwe wijken en plaatsen waar het economisch haalbaar is, wordt glasvezel gepland. Het zal evenwel een hele poos duren voordat koper volledig uit het straatbeeld is verdwenen. Tot die tijd blijft ontwikkeling belangrijk, en is ultra vectoring een belangrijke stap.

Wanneer kunnen Proximus-klanten de nieuwe techniek en bijhorende snelheidsboost verwachten? Proximus laat niet in zijn kaarten kijken. Ergens in de komende jaren wordt bevestigd, maar meer duidelijkheid krijgen we niet.